18 jaar geleden door Kris Peeters gebruikt, nu woord van het jaar : moordstrookje

Ooit, 18 jaar geleden sprak de andere Kris Peeters in zijn boek ‘het voorruitperspectief’ er reeds over.

Gewestweg-met-moordstrook

Voorruitperspectief – de andere Kris Peeters

Nu is het jammer genoeg één van de meest besproken woorden van de week.

Hoe komt het toch dat 21,2% van de 10.000 Vlaamingen die stemden dit woord nu net uitgekozen?

‘Mensen kozen ‘moordstrookje’ omdat ze de onveiligheid beu zijn’ (bruzz.be)

Tienduizend deelnemers hebben ‘Moordstrookje’ als hét woord voor 2018 gekozen. Een ludieke beschrijving voor een fietspad dat gevaarlijk dicht bij een autoweg ligt. Het woord is niet bij iedereen bekend, maar de gevaarlijke situatie kennen de Brusselse fietsers maar al te goed.  

Is de wegbeheerder verantwoordelijk?

Al jaren wordt er dus gesproken over deze onveilige fietspaden, maar uiteindelijk is het probleem nog niet (volledig) opgelost.
Ik neem aan dat er toch reeds enkele gewestwegen zijn waar een gezonde en veilige oplossing is gevonden voor dit smalle ‘uit mijn weg strookje’ waar fietsers elke dag hun leven moeten riskeren om hun bestemming te bereiken.

Had de wegbeheerder of de verschillende verantwoordelijken voor mobiliteit in ons land of in Vlaanderen sinds 2000, en dat zijn er wel een paar, dit probleem al niet lang kunnen oplossen.  Dus zijn zij toch niet verantwoordelijk voor de al dan niet dodelijke ongevallen op deze moordstrookjes?

 

‘Moordstrookje’ is een omstreden woord. Toen Groen-parlementslid Björn Rzoska het onlangs gebruikte in het Vlaams Parlement kreeg hij harde kritiek van zowel minister-president Bourgeois (N-VA) als van parlementslid Bart Somers (Open VLD). Het woord ‘moord’ betekent immers dat je heel bewust iemand om het leven brengt. Alsof de wegbeheerder of automobilisten die niet opletten, heel bewust fietsers in gevaar brengen en laten omkomen.

Het woord toont in elk geval hoe de Vlamingen die deelnamen aan deze poll, denken over verkeersveiligheid.
De standaard

Wat zecht het Fietsvademecum

Minimum of aanbevolen?
Het voorzien van een minimummaat is vooral ingegeven vanuit de bezorgdheid dat bij ruimtegebrek een
fietspad van b.v. 1,75 meter soms enkel mogelijk is ten koste van de noodzakelijke voetgangersruimte, wat
zeker niet de bedoeling mag zijn. Waar mogelijk is het toch de bedoeling de aanbevolen maatvoering als
norm te hanteren, en dit zeker bij bovenlokale en intensief bereden fietsroutes. Bijkomend argument is dat
b.v. het gebruik van fietskarren en dergelijke meer en meer toeneemt.

We mogen natuurlijk geen andere actieve weggebruiker in gevaar brengen door een deel van het voetpad weg te nemen,  maar de gewestwegen met deze uiterst smalle en onveilige fietspaden liggen vaak buiten bebouwde kom, en dus is er vaak ruimte genoeg voor een veilig afgescheiden alternatief.  En waar dit niet het geval is moet er duchtig gezocht worden naar parallelle trage wegen die een veilig en goed alternatief bieden.  Deze goed bewegwijzeren, en eventueel her- aanleggen zodat ze aan de nodige normen qua belichting en verharding voldoen.

Laat ons nu hopen dat door de media-aandacht die het woord krijgt er ook snel een oplossing komt voor deze zogenaamde fietspaden.

zie ook “moord van het jaar – Kris Peeters

Daarom ben ik blij dat het woord van het jaar er één is geworden waar wij ons voor schamen. En waarvoor hopelijk ook onze beleidsverantwoordelijken zich gêneren. Laat het woord maar het kiezelsteentje zijn in de schoen van alle beleidsverantwoordelijken.

Moge het pijn doen bij elke stap die ze zetten. Kiezelpijn, laat dat het woord van 2019 worden. Misschien kunnen we in 2020 dan uitpakken met ‘Oogappelfietspad’ (een fietspad waarover je je kleinste met een gerust hart naar school of naar de Chiro stuurt), ‘Velorutie’ (de fietsrevolutie), ‘Modelmobiliteit’ of Rekenfouthof (voor een hof dat er in z’n berekeningen ongeveer 50 jaar naast zat).

Please follow and like us: